Storytime: Blauwe plekken

BLAUWE PLEKKEN

Ik hoorde zijn voetstappen op de trap. Doodsbang kroop ik weg onder het bed, in de hoop dat hij me niet zou vinden. De deur ging open. Mijn hart bonkte in mijn keel. Ik hoorde voetstappen. Toen niets. Ik had het raam opengezet, als afleidingsmanoeuvre. Ik bleef stil liggen. Toen hoorde ik weer voetstappen, en een deur die dichtgeslagen werd. Ik was gered! Ik bleef stil liggen, voor het geval dat hij terug zou komen. Hij kwam niet terug, nooit meer.

3 maanden eerder:

Het was een doodnormale dag. Ik zat, samen met mijn beste vriendin Roos, op een terrasje mensen te kijken, toen er ineens een knappe man voorbij liep. Ik keek Roos veelbetekenend aan. Ze trok haar wenkbrauwen op, wat betekende: ‘Zou je dit nou wel doen? Het is net uit met je vorige vriend!’ Maar ik wist het zeker. Roos knikte. Ons plan begon. We stonden op, en ik liet een tientje achter voor de ober. Druk pratend liepen we langs de KM (Knappe Man), terwijl ik mijn portemonnee liet vallen. (Zonder geld, natuurlijk, ik ben niet gek.) Zoals voorspeld pakte de KM mijn portemonnee, en kwam achter ons aan. “Hé!” riep hij. Ik draaide me om, en keek recht in het gezicht van een oud mannetje. Shit. Dat was niet de bedoeling. Ik zag dat Roos haar best deed om haar lachen in te houden. Ik bedankte de man vriendelijk, en nam mijn portemonnee aan. Toen hij weg was, barstten we in lachen uit. Wat een flop was dat!

Ik dacht dat mijn kansen bij KM verkeken waren, want ik wist zijn naam immers niet eens. De kans dat ik hem ooit weer tegen zou komen was minimaal. Maar tot mijn verbazing kwam ik hem een week later weer tegen! Het was een zonnige vrijdagmiddag, en ik was net klaar met werken. Ik belde Roos, en we gingen samen de stad in, even lekker shoppen. We waren net op weg naar Forever 21, toen ik ineens de KM zag! Ik stootte Roos aan. We besloten deze keer een ander plan toe te passen. Ik liep naar hem toe, terwijl Roos achterbleef. Toen ik zeker wist dat hij me zou zien, struikelde ik, waarbij ik de inhoud van mijn tas op de grond liet vallen. “Oh, nee hè,” zuchtte ik, “dat ook nog.” Zoals verwacht kwam KM me helpen. “Gaat het wel?” vroeg hij bezorgd. “Ja, het gaat wel.” antwoordde ik. “Ik heb mijn dag gewoon niet.” “Nou,” zei hij opgewekt, “misschien kan ik jouw dag wat beter maken. Heb je zin in een kopje koffie?” Bingo. “O, graag!” antwoordde ik enthousiast. Ik gaf een knipoog naar Roos, die vrolijk haar duim naar me opstak en zwaaide. Ik zou haar wel een sms’je sturen als ik weer thuis was.

Na een erg leuke en gezellige date met Tim, zo heette hij, ging ik op weg naar huis. Toen ik thuis was belde ik Roos, en vertelde haar alles. Roos was bijna nog enthousiaster dan ik. Alles leek perfect. Tot die ene dag kwam…

Ik had al 3 maanden een relatie met Tim, en alles ging super. Hij was wel een jaloers type, maar daar kon ik wel mee omgaan. Als ik gewoon niet te veel aandacht besteedde aan andere mannen, was er niks aan de hand. Op een dag liep ik met Tim door de stad, toen ik een oud klasgenootje van mij zag. Ik knikte hem vriendelijk toe. Tim zag dat, maar hij zei niks. Hij was daarna wat stiller dan normaal, maar ik zocht er niks achter. Hij had gezegd dat hij hoofdpijn had, en ik geloofde hem. Toen we naar mijn huis reden, kneep hij in het stuur. Ik vond het wat vreemd, maar ik zocht er verder niks achter. Het waren allemaal kleine hints, die ik pas begreep toen het te laat was.

Toen we bij mijn huis waren, ging ik me douchen. Tim bleef beneden zitten, want er was voetbal op tv. Toen ik weer beneden kwam, was Tim nergens te bekennen. Ik dacht dat hij waarschijnlijk iets te drinken aan het halen was, dus ik liep naar de keuken. Daar wachtte hij me op, met een mes in zijn hand. Ik schrok me te pletter. “Is er iets, lieverd?” vroeg ik. Tim werd woest. “JE GAAT VREEMD, OF NIET SOMS?” Schreeuwde hij. “Nee! Waar heb je het over?” “DIE GAST VAN VANMIDDAG, HIJ IS HET HE?” Tim bleef maar schreeuwen, wat ik ook zei. Hij luisterde gewoon niet. Ik probeerde hem te sussen, en legde mijn hand op zijn arm. Toen werd hij helemaal gek. Hij probeerde me te steken met het mes. Ik rende weg, naar mijn slaapkamer. Ik zette snel het raam open, in de hoop dat hij zou denken dat ik uit het raam gesprongen was. Ook gooide ik één van mijn schoenen uit het raam, zodat hij zou denken dat ik mijn schoen daar verloren was. Toen kroop ik onder het bed, en wachtte af.

Nadat Tim de deur dicht had geslagen, wachtte ik nog een halfuur. Na een kwartier hoorde ik een auto wegrijden, maar ik bleef toch liggen, voor de zekerheid. Toen belde ik Roos. Ik pakte snel wat spullen in, en reed naar haar toe. Hij wist waar ik woonde, dus daar was ik voorlopig niet meer veilig. Roos gaf me een dikke knuffel, en zette toen een kopje thee voor me. Toen ik een beetje tot bedaren was gekomen, zei ze dat ik aangifte moest doen bij de politie. Ik durfde niet. “Straks komt hij erachter! En bovendien heb ik helemaal geen bewijs.” Toen bliepte mijn telefoon. Een sms’je!

‘Ik pak je, vuile bitch.’ Dat was het enige wat er stond. Roos keek me aan. “Daar is je bewijs al!” zei ze triomfantelijk. “Ik weet het niet hoor.” antwoordde ik. Roos stelde voor om gewoon even langs te gaan, voor informatie. “Dan kun je altijd nog aangifte doen, als je dat wilt.” Ik stemde in. Alleen wat informatie krijgen kon geen kwaad, toch?

Toen we bij het politiebureau aankwamen, stond daar iemand met een capuchon op. Ik vertrouwde het niet. “Ach, het is vast niks.” zei Roos, “Kom op, we gaan gewoon.” En we gingen. Maar zodra we uit de auto stapten, kwam de persoon met de capuchon op ons afgestormd. Ik gilde. Het was Tim! Hij sloeg me tegen mijn wang. “DAT KRIJG JE ERVAN, KUTWIJF!” Schreeuwde hij. Hij had vast verwacht dat we naar het politiebureau zouden gaan. Tim was woedend. Hij sloeg me nog een keer. Ik dacht dat hij me dood zou slaan. Gelukkig hadden een paar politieagenten zijn geschreeuw gehoord. Ze kwamen naar buiten. Tim werd gearresteerd, en Roos en ik kregen binnen een kopje koffie. Een agente kwam naar me toe, en vroeg of ik aangifte wilde doen. Ik was erg geschrokken, maar ik wilde ook niet dat Tim iemand anders iets aan zou doen. Ik stemde in, en deed aangifte.

Twee weken later was de rechtszaak. Ik wilde er niet bij zijn, maar Roos ging in mijn plaats. Ze vertelde me dat Tim 3 jaar gevangenisstraf heeft gekregen.

Het is nu twee jaar geleden dat Tim de gevangenis in is gegaan. Ik heb ondertussen een hele lieve vriend, Ron, die voor mij door het vuur zou gaan. Ik ben verhuisd, en ik heb een nieuwe baan gezocht. Ik ben nog steeds wat angstig, maar het doet me goed te weten dat Tim voorlopig nog niet vrijkomt.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s